Trophées du Muveran wordt georganiseerd door UPA 10. UPA 10 (Union des Patrouilleurs Alpins de l’ancienne brigade de montagne 10) is gesticht in 1945, aan het einde van de mobilisatie, met als doel: verderzetten en ontwikkelen van de alpiene vorming verkregen in dienst van Zwitserland.
Het was in de herfst van 1947 dat het idee gelanceerd werd om een patrouille-wedstrijd te organiseren. Een wedstrijd waar niet enkel militaire patrouilles mochten aan deelnemen, zoals bij de legendarische Patrouille des Glaciers (in 1943 en 1944), maar die ook open stond voor burgers. Op 4 april 1948 werd de eerste Trophées du Muveran gehouden.
63 jaar later, 28 maart 2010 te Plans-sur-Bex. Om 04h15 gaat de wekker af. Tijd om op te staan. We zijn alle drie gemotiveerd, ook al regent het buiten. Door de regen begeven we ons naar het ontbijt in hotel Les Martinets. Onderweg komen we een andere patrouille van Team Speck Sports tegen en wensen hen veel geluk.
Voor deze wedstrijd vormen Philippe Salvi en Eric Gehant, renners van Team Speck Sports, samen met mij een patrouille. Voor de gelegenheid loop ik dus in de kleuren van Team Speck Sports. Ik lust wel eens een stuk gebakken spek, maar dat heeft er niets mee te maken. Het is de familie Speck die verschillende sportwinkels bezit en het team sponsort.
Na het ontbijt komen we te weten dat onze starttijd met een halfuur uitgesteld is, 07h00 wordt 07h30.
We keren terug naar onze slaapkamer, rusten nog wat en maken ons klaar. Ondertussen is het bijna licht en de zichtbaarheid iets beter. De sneeuwgrens is ondertussen nog wat gezakt. Beter sneeuw dan regen.
De avond voordien waren we gebriefd dat Couloir Pacheu en Couloir Pegnat geen deel uitmaken van het parcours wegens te gevaarlijke sneeuwcondities. Het originele parcours van de Super-Trophée (D+ 2793 hoogtemeters, D- 2793 hoogtemeters en 69 inspanningskilometers) zou niet voor deze editie zijn, maar het vervangparcours kwam toch nog op 2600 positieve en evenveel negatieve hoogtemeters. Met deze omstandigheden, het had de hele nacht gesneeuwd boven, zou het wel kunnen dat het parcours nog gewijzigd wordt. De natuur beslist en wij passen ons aan.
07h25: we trekken onze jas uit en zijn klaar voor de start. De eerste kilometer lopen we met de ski’s in de handen over een bosweg, waar te weinig sneeuw ligt om met de ski’s aan de voeten te starten. Naarmate we stijgen ligt er meer sneeuw en kunnen we de ski’s aandoen. We stijgen aan een goed tempo. Na 900 hoogtemeters komen we aan de draagpassage. Nog 200 hoogtemeters door een couloir, tot aan Cabane de Plan Névé. In de wisselzone halen we de ski’s van de rugzak, aan de voeten en de vellen eraf. Onze patrouille is voltallig en aan de controlepost prikken ze onze controlekaart.
Klaar om ons in de eerste afdaling te storten. Het reliëf is moeilijk zichtbaar tijdens de afdaling en reactie op gevoel wordt belangrijk.
Eens in de wisselzone, iets voorbij La Vare, gaan de vellen er in sneltempo op, elkaar helpend. Diegene die eerst klaar is, begint meteen de andere renners van de patrouille te helpen. De bedoeling is als team het parcours zo snel mogelijk af te leggen.
Na de wisselzone volgt een lang vlakker stuk door een vallei en op het einde van de vallei stijgen we naar Col des Essets. Hier gaan de vellen van de ski’s en volgt een korte afdaling, met tussenin enkele skatingpassages, naar Conche. In de wisselzone die volgt komen we te weten dat het lange parcours (Super-Trophée) ingekort is. De afdaling naar Derborence en de beklimming naar Pierre Rouge werden geschrapt wegens hoog lawinegevaar. Hadden we dat geweten…
Zonder veel woorden worden we het snel eens dat het tijd is om onze wedstrijdindeling aan te passen aan de omstandigheden! We sprinten vanuit de wisselzone naar de iets hogergelegen Cabane Barraud, waar de volgende wisselzone zich bevindt. Snel gaan de vellen eraf, laten we onze controlekaart prikken en beginnen we aan de afdaling.
T.h.v. Conche bevindt zich de volgende wisselzone. De vellen gaan er in sneltempo op en helpen elkaar goed. De laatste beklimming ligt voor ons en we gaan tot het uiterste.
Eens op Col des Essets gaan de vellen er terug af en volgt de laatste afdaling. Deze afdaling is onderbroken door lange stukken skating-passages, maar we houden het tempo strak.
Aangekomen in La Vare gaan de ski’s uit, om een korte, steile passage te voet te overbruggen. Zodra we de col bereiken gaan de ski’s terug aan en kan de afdaling verdergezet worden. In de afdaling nemen we geregeld van elkaar over en drijven elkaar tot het uiterste. We skiën tot aan de sneeuwgrens. De ski’s gaan uit en worden op de rugzak bevestigd. Vanaf hier lopen we naar de aankomst in Plans-sur-Bex.
Na 03:07:56.2 en als 24e patrouille bereiken we de aankomst.
Vrijdag 5 maart, Canazei (Dolomieten, Italië). Om 17h43 stonden Anouk en ik klaar in de startzone van de Sella Ronda Skimarathon 2010 en waarschijnlijk de enige Belgen onder de 318 startende teams en zéér waarschijnlijk het eerste Belgische mixed team dat aan de start stond van deze wedstrijd.
We stonden midden in het dorp en voor de gelegenheid werd in de straten een sneeuwtapijt aangelegd, zodat we om 18h00 konden starten tussen de juichende Italianen. Eenmaal de smalle straatjes door begonnen we aan de eerste van 4 beklimmingen. Er moesten die avond 2800 positieve en evenveel negatieve hoogtemeters, over 4 passen en een afstand van 42km afgelegd worden. Anouk haar langste wedstrijd bedroeg 1300 positieve hoogtemeters.
Anouk moest dus vooral een tempo vinden dat ze de drie volgende beklimmingen ook nog kon volhouden, niet gemakkelijk als je nog niet zoveel wedstrijdervaring in deze discipline hebt. Voor haar was het een geruststelling dat ze deze wedstrijd met mij kon doen. In een teamwedstrijd komt het er immers op aan elkaar zoveel mogelijk te helpen.
Hoe meer we klommen, hoe kouder het werd en hoe sterker de wind. Op de eerste pas, Passo Sella t.h.v. Rifugio Salei, vloog de sneeuw alle kanten uit en bedroeg de temperatuur -22°C. Anouk had het heel koud en in de wisselzone moesten we tijd maken om een jas en kap aan te trekken. Anders zouden we nog meer afkoelen tijdens de afdaling. Ondertussen was het al volledig donker.
De eerste afdaling verliep moeizaam. Anouk kon haar trillende benen niet onder controle houden. Eenmaal in de wisselzone, in het centrum van Selva Gardena, hoorden we dat we nog maar 3 minuten voor de eerste tijdslimiet waren… en er waren nog een hoop teams achter ons.
Bij de start van de 2e beklimming, naar Passo Gardena t.h.v. Dantercépies, voelde Anouk haar heel misselijk van de koude en was het moeilijk om een goed tempo te vinden, maar gelukkig ging dat naarmate de beklimming vorderde steeds beter en vonden we een goed tempo. De 2e afdaling, naar het centrum van Corvara met op het einde enkele langere skating-passages, ging veel vlotter en we moesten ons geen zorgen meer maken over de volgende tijdslimieten.
Tijdens de 3e beklimming, naar Bec de Roces, moesten er heel wat kilometers afgelegd worden en was er een lang relatief plat deel. Hier hielden we er een vlot tempo op na en staken we verschillende (mannen)teams voorbij, die ons niet meer inhaalden.
Hetzelfde scenario deed zich voor tijdens de 4e beklimming, naar Passo Pordoi t.h.v. Col di Lana, en met een goed gevoel stortten we ons in de 4e afdaling en kwamen we na 05:08:45 terug in het centrum van Canazei aan. De tijdslimiet voor de hele wedstrijd bedroeg 06:15, dus daar zaten we mooi onder.
Uiteindelijk hadden 36 teams opgegeven en eindigden we op een 216e plaats tussen de mannenteams, gezien er geen aparte rangschikking bestond voor de mixed teams.
Beiden waren we blij, Anouk omdat ze haar doel (Sella Ronda Skimarathon finishen) volbracht had en ik omdat ik Anouk hierin kon bijstaan.
Woensdag 3 maart. Het weer was tijdens de nacht veranderd en er lag een verse laag sneeuw ‘s morgens.
Tijdig begaven we ons naar de start van de individuele wedstrijd, die voorzien was om 10h00 te Grau Roig. Door de veranderde condities en de slechte weersomstandigheden, waren we benieuwd wat ze in petto hadden voor ons.
Tijdens de technische briefing ter plaatse, werd alles verduidelijkt: het oorspronkelijke parcours, bestaande uit 4 beklimmingen met 2 draagpassages (met stijgijzers) en 4 afdalingen (een totaal van 1800 positieve hoogtemeters en evenveel negatieve hoogtemeters) werd ingekort tot 3 beklimmingen met 1 draagpassage (met stijgijzers) en 3 afdalingen (een totaal van 1520 positieve hoogtemeters en evenveel negatieve hoogtemeters).
De weergoden hadden voor een passende ambiance gezorgd: bewolkt en lichte sneeuwval. De zichtbaarheid was vooral beperkt in de hoger gelegen zones van Mont Malùs en Serraseca.
Nadat het parcours vrijgegeven werd, kon de wedstrijd van start gaan om 10h45. Er werd meteen aan een zeer hoog tempo gestegen. Ik bevond me in het peloton tussen de Canadese renners. De Brit en Bulgaar van de vertical race liepen ook in mijn buurt.
De aanloop naar Mont Malùs verliep door eenvoudig terrein zonder technische moeilijkheden. 3 Canadezen stegen aan hetzelfde tempo als mij.
Eens aan de voet van Mont Malùs begon het technischer te worden, de ene spitzenkehr na de andere in steil terrein. Hier kon ik wat voorsprong nemen op de Canadezen.
Op de top van Mont Malùs werden de stijgvellen van de ski’s genomen om aan de afdaling te beginnen.
De afdaling naar het Pessons-meer verliep vlot door zeer afwisselend terrein. In het begin door een steilere flank bezaaid met rotsen, gevolgd door enkele kommen om uiteindelijk langs een vlakker stuk met skating-passages naar het Pessons-meer te traverseren.
De 2e beklimming was terug richting Mont Malùs. De Bulgaar en de Brit zaten me op de hielen. Van de Canadezen geen spoor meer, hoewel ik vreesde dat ze het gat in de afdaling terug zouden dichten.
Ik wisselde vlot en kon samen met een Noor de wisselzone verlaten. Het eerste deel na de wisselzone bestond uit vlakke passages. De Noor had duidelijk een stevige technische langlauf-achtergrond. In de vlakke passages liep hij wat uit. Onder aanmoedigingen van Anouk bleef de afstand tot de Noor beperkt.
Aan de voet van Mont Malùs begon de ene spitzenkehr na de andere door steil terrein naar de top. Ik steeg vlotter in dit terrein en kon de Noor achter me laten. De Bulgaar volgde nog steeds op korte afstand.
Op de top van Mont Malùs gingen de vellen er vlot af en kon de afdaling naar Colells beginnen. In het begin steiler, smal terrein gevolgd door zeer brede kommen.
Aangemoedigd door Anouk, kon ik in de wisselzone vlot de vellen opkleven en snel aan de 3e en laatste beklimming beginnen, naar Serraseca. Door enkele kleine kommen stegen we, onder de rotswanden van Serraseca, naar een steile sneeuwcouloir.
Tijdens deze aanloop kon ik nog een Zweed inhalen en aan het begin van de steile sneeuwcouloir, waardoor de draagpassage verliep, kon ik vlot de stijgijzers aandoen en de ski’s op de rugzak hangen. Door deze vlotte handelingen, kon ik samen met een Zweed aan de draagpassage beginnen. Ik kon hem achter me laten en bouwde de afstand uit.
De afstand tot de Pool, die voor mij was in de steile sneeuwcouloir, werd steeds kleiner. Maar het gat was nog te groot om hem in te halen. Toen ik de wisselzone binnenkwam op Serraseca, begon hij juist aan de afdaling.
Ski’s van de rugzak halen en aandoen, de stijgijzers uitdoen en terug in de rugzak steken (dit alles zonder de rugzak uit te doen), de stijgvellen van de ski’s trekken en de afdaling naar de aankomst beginnen. De bovenbenen brandden, maar weldra zat de wedstrijd erop.
Na 02:02:42 en op de 62e plaats bereikte ik de aankomst.
Foto’s van de wedstrijd:
Zondag 28 februari. In de luchthaven van München was de vlucht naar Barcelona geannuleerd, wegens technische redenen. Ik moest nog 2 uren langer wachten voor de volgende vlucht. Gelukkig vond ik ergens een rustig bankje waarop ik mezelf nog wat vertikale rust kon gunnen. De reis naar Andorra zou immers nog lang duren.
Eens aangekomen in de luchthaven van Barcelona, stond Anouk mij en Martin (coach van het Duits nationaal team) op te wachten. Zij was eerder toegekomen vanuit Zaventem en had al een wagen gehuurd, zodat we meteen konden vertrekken richting Andorra.
Na de 3-uren durende rit van Barcelona naar Andorra konden we ons aanmelden, installeren in het hotel te Soldeu, wedstrijdbriefing bijwonen en klaarmaken van het materiaal voor de vertical race.
Maandag 1 maart. Om 11h15 werden de renners (elite-mannen) van de 23 deelnemende landen verzocht zich naar de startzone te begeven.
Het parcours bestond uit 880 positieve hoogtemeters, over een afstand van 6km.
De vertical race is een pure klimwedstrijd, geen afdalingen. In het dal massastart en boven op de berg aankomst, langs een uitgestippeld en te volgen parcours.
Om 11h30 werd het startschot gelost en kon de klim tegen de tijd en de concurrentie, naar de bergtop, beginnen. Na de start werd meteen gesprint, de favorieten op kop, en het pak op een lint getrokken.
Na een tiental minuten zat iedereen in zijn ritme en kwam het erop aan mezelf niet op te blazen. Na 200 hoogtemeters kwam er mij een Schot voorbij. Ik pikte eerst aan, maar liet hem uiteindelijk gaan omdat zijn tempo net iets te hoog lag en de aankomst nog niet in zicht was. Op korte afstand volgden een Bulgaar en een Andorrees, die duidelijk hun tempo opdreven om me in te halen. Na hun poging om me in te halen, waar ze niet in slaagden, vielen ze terug en werd de afstand tussen hun en mij terug groter. Ik volgde de Schot op een tiental meter en in de steilere stukken van het parcours kon ik er een regelmatiger tempo op nahouden. In de laatste 200 hoogtemeters sloot ik terug aan bij de Schot en probeerde hem in te halen. Telkens ik hem wou inhalen, versnelde hij. In de laatste rechte lijn naar de aankomst sprintte ik hem voorbij en kon hij niet meer voldoende versnellen. Na 00:52:50 en op de 65e plaats bereikte ik de aankomst.
Het was een zeer afwisselend parcours, vele vlakke stukken afgewisseld met steilere passages.
Donderdag 18 februari. Tijd om richting Sicilië te vertrekken voor Trofeo Internazionale dell’Etna (wereldbeker), een ski mountaineering-wedstrijd op de vulkaan Etna. In de luchthaven van München zijn we de renners van het Duits nationaal team tegengekomen. Na een dag van vliegen en wachten, zijn we eindelijk aangekomen in Catania (Sicilië, Italië). Samen met het Duits nationaal team kregen we aan de luchthaven een minibus ter beschikking om ons richting Nicolosi te verplaatsen. Eens op weg, vroegen we ons allen af waar we hier in godsnaam gingen bergen beklimmen en skiën: het was warm en palmbomen waren markerend in het straatbeeld.
Vrijdag 19 februari. In de voormiddag verkenden we een deel van het parcours. Al snel was duidelijk dat hier heel sterke winden konden heersen. Het skiën in de firnsneeuw was snel en heerlijk. De locals wisten ons te vertellen dat het zaterdag mooi weer zou zijn. De rest van de dag besteedden we aan het klaarmaken van het materiaal voor de wedstrijd, de briefing, de openingsceremonie, eten en rusten.
Zaterdag 20 februari. Tijdig begaven we ons naar de startplaats van de wedstrijd, aan de voet van Etna. Tijdens het opwarmen, kwamen we te weten dat de start (voorzien om 09h15) uitgesteld werd naar 10h30. Het mooie weer dat de Italianen ons de dag ervoor voorspeld hadden, bleef uit. In de plaats hevige wind.
Uiteindelijk konden we starten om 11h30. Door de hevige wind bleven de beklimmingen beperkt tot maximaal 200-300 hoogtemeters. Een heel nerveuse wedstrijd bestaande uit een tiental beklimmingen en afdalingen. De eerste helft van de wedstrijd had ik een goed gevoel, de tweede helft van de wedstrijd was ik volledig leeg. Het werd een ware lijdensweg naar de aankomst. Als 34e (in de wereldbekerranking) bereikte ik de aankomst. Een ware offday. Ik legde het parcours van ca. 1400 positieve hoogtemeters (beklimming) en evenveel negatieve hoogtemeters (afdaling) in een tijd van 1:47:38.
Met deze tijd zou ik in het klassement voor de Italiaanse ranking, die samen met de renners voor de wereldbeker startten, een 11e plaats behaald hebben.
Van 21 t.e.m. 27 februari volgde ik een technische stage te Sicilië, georganiseerd door ISMF (International Ski Mountaineering Federation). Later meer hierover.
14 februari, een mooie zondagochtend in het Rofangebergte (Tirol, Oostenrijk). De beste ski-alpinisten van Oostenrijk waren verzameld om te strijden voor de Oostenrijkse titel, tijdens de wedstrijd Achensee Xtreme.
Het was een technisch en veeleisend parcours, bestaande uit 4 beklimmingen / 3 afdalingen en een totaal van 1753 positieve hoogtemeters (beklimming) en 1722 negatieve hoogtemeters (afdaling).
Oneindig spitzenkehren, langere vlakke tussenstukken in de beklimming, heel afwisselende afdalingen met zowel steile, smalle passages als lange platte stukken met skating-passages bergop.
Het enige dat ontbrak was één of meerdere draagpassages. Ondanks dit gebrek, werden alle kwaliteiten waar een ski-alpinist dient over te beschikken op de proef gesteld.
Ik behaalde de 20e plaats en legde het parcours af in 2:12:29,50. In het Oostenrijks kampioenschap zou ik met mijn tijd op de 15e plaats eindigen.
Foto’s van de wedstrijd:
Mijn volgende wedstrijd: zaterdag 20 februari, Trofeo Internazionale dell’Etna (Sicilië, Italië).
Ik ben ondertussen aan de beterhand. Ik heb gisteren een langere training kunnen afwerken en ben vandaag mee met de organisator, enkele renners uit de regio en de Bergrettungsdienst Österreich (dienstplaats Maurach) het parcours voor de wedstrijd ‘Achensee Xtreme’ gaan uitzetten.
Mijn volgende wedstrijd: zondag 14 februari, Achensee Xtreme (Rofangebergte, Oostenrijk).
Foto’s van de parcoursbouw ‘Achensee Xtreme’:
Nog wat foto’s van trainingen van de voorbije weken:
Een update van voor de periode dat die onfatsoenlijke ziekteverwekkers me te pakken kregen:
Op zaterdag 30 januari (het weekend voor het BK) nam ik deel aan Stiglreith Trophy in Oberperfuss (Tirol, Oostenrijk).
Om 18:00 werd het startschot gelost. Op het programma stonden 2 beklimmingen van ca. 500 hoogtemeters (1024 hoogtemeters in totaal), met tussenin een afdaling van 523 hoogtemeters.
Ik eindigde op de 7e plaats in de categorie M30 en legde het parcours af in een tijd van 0:45:07,80.
6 februari 2010. Voor de 10e maal werd het BK ski mountaineering georganiseerd en voor de 2e maal vond het plaats in Berchtesgaden, tijdens de wedstrijd Jennerstier, samen met het Duits kampioenschap ski mountaineering. Het parcours lag er goed bij, overal lag voldoende sneeuw.
De nacht van vrijdag op zaterdag had het stevig gesneeuwd en was het nog twijfelachtig of de wedstrijd zou doorgaan op het origineel parcours. De situatie in de ‘Spinnergraben’, de steile couloir vanaf de Jenner (het hoogste punt van de wedstrijd) langs welke de afdaling verliep, werd gecontroleerd en de organisatie gaf het origineel parcours vrij.
Het beloofde een prachtige wedstrijd te worden in echte winterse omstandigheden. Aan de start sneeuwde het nog altijd.
De dames kregen 1300 positieve hoogtemeters (beklimming), met 1 draagpassage, en 700 negatieve hoogtemeters (afdaling) voorgeschoteld.
De mannen kregen 2080 positieve hoogtemeters (beklimming), met 2 draagpassages, en 1480 negatieve hoogtemeters (afdaling) voorgeschoteld.
Er waren echter enkele afwezigen op dit BK. Koen Leeten meldde zich donderdag al ziek met buikgriep. Spijtig, want hij is een vaste waarde op het BK.
En voor mij werd het niet de startzone van de wedstrijd, maar wel een artsenkabinet in Berchtesgaden. De diagnose was een virale infectie, die op tour is door mijn lichaam maar zich vooral thuisvoelt ter hoogte van mijn luchtwegen. De beslissing om af te zien van een deelname was niet makkelijk, maar volgens de arts en mezelf de enige juiste beslissing. Gezien het wedstrijdseizoen er nog niet opzit en er nog belangrijke wedstrijden aankomen, kon ik niet riskeren door 1 deelname, de rest van het wedstrijdseizoen te hypothekeren.
Heel spijtig, want ik had mijn zinnen gezet op deze wedstrijd. Niet alleen omdat dit het BK was maar ook omdat dit een graadmeter voor mij was, gezien ik hier samen met de Duitse top zou starten, die ook zullen deelnemen aan het WK in Andorra (begin maart).
Het veld was vrij bij de mannen en de Belgische titel lag voor rapen. Een nieuwkomer was de 19-jarige Gauthier Masset (categorie juniors). Het werd een nek-aan-nekrace tussen de nieuwkomer en Geert Vanbeveren. Geert Vanbeveren was de sterkere in de beklimmingen, maar kon dit wegens problemen met de stijgvellen niet uitbuiten. Gauthier Masset was de sterkere in de afdalingen.
In de laatste beklimming had Geert Vanbeveren een korte voorsprong op Gauthier Masset, maar kon zijn leidersplaats niet behouden in de afdaling van de steile ‘Spinnergraben’.
Gauthier Masset, de 19-jarige nieuwkomer, kwam als eerste in de aankomstzone en werd Belgisch kampioen ski mountaineering 2010 (goud), kort gevolgd door Geert Vanbeveren, vice-Belgisch kampioen ski mountaineering 2010 (zilver).
1. Masset Gauthier – Club Alpin Belge: 2:35:25,70 (goud)
2. Vanbeveren Geert – KBF Vlaanderen: 2:38:32,60 (zilver)
Bij de dames kon Anouk Doore een mooie wedstrijd afwerken en verlengde haar Belgische titel (goud). Nieuwkomer in het gebeuren bij de dames was de 28-jarige Beatrijs Cools. Zij werd vice-Belgisch kampioene ski mountaineering 2010 (zilver).
1. Doore Anouk – KBF Vlaanderen: 1:38:08,60 (goud)
2. Cools Beatrijs – KBF Vlaanderen: 2:20:55,30 (zilver)
Proficiat aan de deelnemers en bedankt aan de supporters!!!
Hieronder sfeerbeelden van het BK 2010:
Zondag 24 januari heb ik deelgenomen aan de Skinfit-Guntenlauf in Dornbirn (Oostenrijk).
Vorig jaar won ik hier de bergsprint en het algemeen klassement.
Het weer was prachtig en om 09h00 werd het startschot gelost in Gütle, een gehucht van Dornbirn. De eerste 500 positieve hoogtemeters werden al lopend afgelegd, met de ski’s op de rugzak.
Vanaf de sneeuwgrens gingen de ski’s aan, die al vanaf de start van stijgvellen voorzien waren. Na 1000 positieve hoogtemeters bereikten we Hochälpele Hütte. Vanaf hier moesten we ca. 220 hoogtemeters afdalen, om vervolgens terug te stijgen richting Weissenfluh.
Na een korte afdaling met de stijgvellen onder de ski’s, konden we richting Gunten beginnen klimmen. Op de top van Gunten gingen de stijgvellen eraf en konden we aan de afdaling, die er behoorlijk goed bijlag, beginnen.
Aan het einde van de afdaling, werden de stijgvellen in sneltempo terug op de ski’s gekleefd en klommen we terug richting Weissenfluh, gevolgd door een korte afdaling met de stijgvellen onder de ski’s. Daarna restte ons enkel nog de laatste 220 positieve hoogtemeters richting Hochälpele Hütte, waar de aankomst was.
In totaal werden 2119 positieve hoogtemeters afgelegd.
Deze editie moest ik me tevreden stellen met de 9e plaats in het algemeen klassement en de 6e plaats in mijn leeftijdscategorie. Ik legde het parcours af in 02:39:21.
Anouk nam deel aan het korte parcours en behaalde de tweede plaats.
Hieronder enkele foto’s: